Claudia’s blik op…

kansrijk landelijk gebied

Bij BEECKK werken we aan maatschappelijke opgaven die wij belangrijk vinden. In deze reeks spreken we drie BEECKK’ers over de ontwikkelingen en uitdagingen in de opgave waar zij aan werken. Hier lees je het verhaal van Claudia over het kansrijk landelijk gebied. Lees ook de verhalen van Roëlle & Daan!

van standpunt naar samenwerking

De belangen die overheden en boeren hebben komen vaak best met elkaar overeen, maar het beeld dat de twee van elkaar hebben zorgt voor onnodig veel wantrouwen. Er is weinig data om keuzes op te baseren en er wordt te weinig gesproken met de mensen om wie het echt gaat. En als ze dan in gesprek gaan praten de partijen vaak langs elkaar heen omdat de taal van de gemeente niet altijd te begrijpen is. Daardoor voelen boeren zich niet begrepen, waardoor samenwerken moeilijk wordt. Zo ontstaat snel onnodige discussie over verschillende standpunten, in plaats van een gezamenlijke zoektocht naar gedeelde belangen.

verbinding maken

Het maken van die verbinding is daarom super belangrijk, en Claudia doet dat het liefst door met mensen te praten en een open, onderzoekende houding aan te nemen: “Ik wil laten zien dat samenwerken met mensen helemaal niet moeilijk is of een ingewikkeld participatieplan vraagt. En hoe belangrijk het is om van mens tot mens contact te maken”. Dat deed ze ook in haar opdracht voor de gemeente Son en Breugel, waar ze in een onafhankelijke rol vrij kon bewegen tussen de verschillende belangengroepen in Sonniuswijk, in het buitengebied van de gemeente. Op deze manier heeft ze partijen met elkaar in contact kunnen brengen en de gemeente geholpen om  weloverwogen keuzes te maken waar meerdere partijen mee geholpen zijn.    

Beleid maken voor de doelgroep

Bij haar opdracht voor de provincie Flevoland, de gemeente Montfoort en provincie Utrecht kwam het doelgroepgericht werken goed tot zijn recht. Daar werkte ze aan beleid voor vrijkomende agrarische bebouwing. Oftewel; wat moet je in hemelsnaam als overheid met ondernemers die willen stoppen of verbreden? Wat zijn geschikte nieuwe functies voor zo’n erf? En wat vraagt het van je organisatie om die transitie in goede banen te leiden?

Wat is dan Claudia’s doel? “Dat de drempel om elkaar op te zoeken en elkaar verder te helpen een stuk lager wordt. Dat initiatiefnemers in het landelijk gebied daardoor minder lang in onzekerheid zitten over hun toekomst. En natuurlijk dat ons platteland nog een stukje mooier wordt!”