Begrensd door ons energiesysteem?

In 1972 bracht de Club van Rome het rapport de Grenzen aan de Groei uit. In dit rapport gaf de organisatie van wetenschappers het duidelijke signaal af: als westerse landen op dezelfde voet blijven consumeren, dan is onze planeet binnen 100 jaar volledig uitgeput. Ruim vijftig jaar later beginnen we in Nederland deze grenzen goed te voelen, nu schaarste en groei met elkaar botsen. Het bouwen van voldoende en de best passende woningen wordt complexer, de druk op de wegen en treinen neemt toe en waar is nog ruimte om het stroomnet sneller uit te breiden? 

Bij BEECKK werken we dagelijks aan deze en andere grote maatschappelijke vraagstukken. Vanuit onze ervaringen delen wij ons antwoord op de vraag: zijn de grenzen echt bereikt of zien we toch nog ruimte om te groeien?

In deel 2 ligt onze focus op de energietransitie. Lees ook onze artikelen over de woningbouwopgave & slimme mobiliteit.

Is ons stroomnet de grens voor de economische groei?

In het afgelopen jaar was er vrijwel dagelijks een nieuwsitem te lezen over de uitdagingen van ons energiesysteem. Met name de congestie op het stroomnet was een actueel thema, waarbij vaak werd gezegd dat het stroomnet een drempel was voor woningbouwprojecten of de verduurzaming of uitbreiding van bedrijventerreinen. Is dat één van de signalen dat we tegen de grenzen van ons energiesysteem aanlopen?

Netcongestie hoeft in ieder geval geen rem te zijn op (economische) groei en ruimtelijke ontwikkelingen. Met een goede voorbereiding, slimme keuzes en wanneer gemeenten de regie pakken, is nog steeds heel veel mogelijk.

Groei of krimp?

De Club van Rome waarschuwde vijftig jaar geleden onder andere over de uitputting van grondstoffen en milieuvervuiling als we onze westerse leefwijze niet zouden veranderen. Juist daarin zijn op het gebied van ons energiesysteem de afgelopen jaren grote stappen gezet. De uitputting van grondstoffen hoeft geen belemmering meer te zijn, want we zijn druk bezig om fossiele energiebronnen te vervangen door hernieuwbare alternatieven die nooit opraken. En het energieverbruik van de gemiddelde Nederlander is de afgelopen jaren juist gedaald in plaats van toegenomen. We zijn dus goed op weg, maar zo’n complexe transitie gaat met vallen en opstaan. Netcongestie is niet meer dan één van de drempels waar we nu mee te maken hebben.

De valkuilen rondom netcongestie

Onze energie-infrastructuur is verouderd en uitbreiden of vernieuwen kost veel tijd en geld. Het huidige stroomnet is niet goed in staat om op piekmomenten voldoende stroom te kunnen vervoeren. Ruimte voor nieuwe (grote) aansluitingen is er daarom op veel plekken niet. Dat betekent dat bijvoorbeeld woningbouw- of energieprojecten op de wachtlijst komen te staan. In de praktijk zien we dat gemeenten vaak uitwijken naar pragmatische oplossingen die het probleem verschuiven van de korte naar de lange termijn. Als er bijvoorbeeld geen aansluiting verkrijgbaar is om elektrisch bouwmateriaal op te laden, wordt de keuze gemaakt om toch maar te bouwen met door diesel aangedreven apparaten. Of energieprojecten worden in omvang verkleind zodat deze met een kleinverbruikersaansluiting wel gerealiseerd kunnen worden. Maar met een goede voorbereiding en integrale keuzes zijn dit soort slagen in de lucht niet nodig.

Pak de regie met een energievisie

Voordat de gasaansluitplicht verviel, hoefden gemeenten niet na te denken over het energiesysteem in wijken of gebouwen. En ook daarna lieten ze de keuze vaak aan ontwikkelaars. Ontwikkelaars kiezen dan meestal voor de goedkoopste optie, zoals een luchtwarmtepomp. Hoewel betaalbaar, is een luchtwarmtepomp één van de minst efficiënte oplossingen en zeker niet altijd de beste keuze vanuit het perspectief van de toekomstige bewoners. Zo’n ontwerpkeuze wordt vaak laat in het proces gemaakt, waardoor er weinig tijd en ruimte is voor gemeenten om nog bij te sturen. Gemeenten moeten daarom zelf de regie pakken. Voor bestaande wijken verplicht het Rijk gemeenten om een goed plan te maken, maar bij nieuwe ontwikkelingen ontbreekt vaak zo’n aanpak.

Ons advies: maak een energievisie. Hiermee breng je kansen en obstakels in kaart. Technisch zijn er veel oplossingen om netbewust of netonafhankelijk te bouwen, maar deze zijn wel bepalend voor je business case en planning. Het is daarom belangrijk om deze visie al tijdens de initiatieffase van je project op te stellen, zodat je als gemeente voldoende inzichten hebt en in het ontwerp nog kunt bijsturen. Zo kun je bijvoorbeeld een ontwerp voor de openbare ruimte maken waarbij je rekening houdt met het inpassen van een buurtwarmtepomp of batterij.

Met een energievisie kun je als gemeente beter sturen richting een ontwikkelaar, maar ben je ook een betere gesprekspartner voor de netbeheerder. Zo hou je, ook in tijden van netcongestie, de regie over jouw projecten.